Stof op de maan
Stof is alomtegenwoordig en kan een echte plaag zijn. Op aarde vind je het mengsel van kleine deeltjes (huisstofmijt, vezels, aarde, pollen, ...) op oppervlakken overal in huis. Wanneer het verstoord wordt, kan het neergeslagen stof opwaaien.
Ook buiten het oppervlak en de atmosfeer van de aarde kan stof vervelend en verraderlijk zijn. Op de maan bijvoorbeeld. Toen de Apollo-astronauten terugkeerden van de maan, irriteerde het stof dat aan hun ruimtepakken kleefde hun keel en deed het hun ogen tranen.
Maanstof bestaat uit kleine, scherpe en schurende deeltjes maangesteente.
Rotsen en mineralen op het maanoppervlak worden mechanisch in kleinere deeltjes gebroken door inslagen van meteorieten en micrometeorieten. Ze zijn elektrostatisch geladen en hechten zich aan elk oppervlak, van ruimtepakken tot elektronica en optica, en dringen zelfs de longen van astronauten binnen.
Gevaren van maanstof
In tegenstelling tot op aarde is het niet zo eenvoudig om ervan af te komen.
De bemanningen probeerden met een borstel of met hun handen het scherpe, schurende stof van hun ruimtepakken te vegen, maar geen van beide methoden bleek erg effectief. Door de lage zwaartekracht op de maan, een zesde van die op aarde, blijven kleine deeltjes langer zweven en dringen ze dieper in de longen door.
De aanwezigheid van deze geladen stofachtige deeltjes op de maan - maar ook op Mars, kometen en asteroïden - vormt een echte uitdaging voor toekomstige (bemande en onbemande) verkenningsmissies naar hemellichamen in het zonnestelsel.
Naast het in gevaar brengen van de gezondheid van astronauten door irritatie en inademing van het maanstof, heeft het nog veel meer gevaarlijke (instrumentele) effecten. Om er maar een paar te noemen:
- scheuren in het ruimtepak,
- verduistering van het zicht,
- foutieve instrumentale metingen,
- stofophoping en -vervuiling,
- obstructie van zonnepanelen,
- verlies van grip,
- verstopping van mechanismen,
- slijtage,
- thermische controleproblemen (oververhitte radiatoren) en
- defecten aan afdichtingen.